Wat doet een roetfilter?

Alle moderne dieselvoertuigen vanaf 2006 zijn voorzien van een roetfilter (DPF/FAP). Een roetfilter zit in het uitlaatsysteem en is ontworpen om emissies te verminderen door roetdeeltjes van het uitlaatgas op te vangen. Het filter raakt gemiddeld na 200 tot 500 kilometer verzadigd met roet, dit wordt herkend door de drukverschil-sensor waarna een zogeheten regeneratie wordt geïnitieerd. De motorcomputer zorgt er voor dat er extra brandstof wordt ingespoten waardoor de temperatuur van het uitlaatgas tijdelijk wordt verhoogd tot wel 650°C, hierdoor verbrand het roet uit het filter. Dit noemen we regenereren, na dit proces is het filter leeg om opnieuw roetdeeltjes op te vangen.

Als de regeneratie niet goed functioneert, leidt dit tot een opeenhoping van roet met invloed op de prestaties en het brandstofverbruik. Over langere duur raakt het roetfilter verstopt. Dit brengt zeer dure reparaties met zich mee en kan zelfs schade toerichten aan andere motorcomponenten. Een geblokkeerde roetfilter is ook potentieel gevaarlijk, het veroorzaakt oververhitting van het uitlaatsysteem met risico tot brandgevaar. Om verdere schade te voorkomen gaan de meeste moderne voertuigen over op het noodloop programma.

Roetfilter DPF verwijderen uitschakelen uitlaat

Kenmerken van een verstopt roetfilter

Nadelen van een verstopt roetfilter:

Voordelen van het verwijderen van het roetfilter: